Wild gefladder in het dwarrelende stof

Daar was onlangs die knuppel in het hoenderhok, waardoor ik eigenlijk al niet meer terug naar Fryslân wilde verhuizen. Gisteren zorgde een sterke nummer 2 voor stampei op de werkvloer. Op de (officieel) 1e werkdag in de nieuwe baan. En ’t meningsverschil met die huisarts maakte ’t feest compleet. Maar waar gisteren de donderstorm nog brulde, er ging zelfs een sollicitatie de deur uit, daalden de engeltjes vandaag in groten getale bij mij neder. Ooh, was ik maar helderziende.

’t Opspringende hert is me weleens wat teveel wie ik ben.

Vaste baan

Vanmorgen kwam het hoge woord eruit. Ik krijg een vaste baan. Procesoperator poeder bij FrieslandCampina Leeuwarden. Beste mensen, ik zit gebeiteld. Ik kan mijn leven weer plannen. Recessies kunnen mij niet meer deren. De eerste te ondernemen actie is terug verhuizen. Zin in.

Geluk bij een ongeluk

Vanmorgen een vroege dienst gedraaid en direct vanaf het fabrieksterrein op de fiets gesprongen. Heerlijk rondje Leeuwarden, Bartlehiem, Stiens gedaan. De fiets ligt tegenwoordig weer achterin de auto. Na weken van regen was daar eindelijk weer eens de zon. Daar fleurt de mens van op.

Het weer van vanmiddag

Vanmorgen een engeltje op mijn schouder gehad trouwens. Vanaf Appelscha – ik pendel tussen Hoogeveen en Leeuwarden – bemerkte ik een ijslaagje op de weg. Maar aangezien ik continu gekraak en getik onder de auto hoorde leek het oppervlak toch niet echt glad te zijn. Waar ik normaal 120 km/uur rijd, achtte ik daarom nu een bescheiden 80 wel passend. Vanaf Drachten leek de weg weer helemaal ijsvrij te zijn, zodat ik weer versnelde. Tja, lucky me, want luttele uren later zou ik komen te ontdekken dat er diezelfde ochtend op datzelfde traject een bizarre reeks ongelukken was gebeurd. De weg was zelfs even helemaal afgesloten geweest.

Maar het geluk lachte mij 2 weken geleden ook even toe. Ik wilde 2 auto’s inhalen en toen ik naast de eerste zat zette deze zelf ook de inhaalmanoeuvre in. Mijn nabijheid was kennelijk onopgemerkt gebleven. Adrenaline.

Dan dat mazzeltje van afgelopen week. Ik bleek geen geld voor de parkeerautomaat te hebben en toen lag daar zomaar ineens dat dubbeltje voor mijn voeten. Precies genoeg voor dat kwartiertje boodschappen halen. Ik vond dat wel bijzonder. Wie het kleine niet eert, is…

En dan komt daar komende week misschien die vaste baan nog bij. De 2e in mijn onstuimige carrière. De 1ste verloor ik door het faillissement van mijn werkgever in 2010. Ik was er werkzaam geweest als bodem- en milieukundig adviseur / GIS-tekenaar / werkplekbeheerder. Consulmij Milieu BV. Een vaste baan bij FrieslandCampina zou betekenen dat ik de rest van mijn werkende leven uit de brand ben. En interne sollicitaties blijven mogelijk. Volgende week uitslag?

Toch is het niet allemaal rozengeur en maneschijn en/of goud wat er blinkt. Dat de donkere tijd niet tot mijn favorieten behoort is zacht uitgedrukt. Maar goed, ’t is natuurlijk al snel weer maart en dan is het weer 6 maanden genieten van groen, zon en warmte. Het leed is relatief. Vanmiddag groette ik een collega met “Hoi! Alles goed?”, waarop hij wat begon tegen te sputteren. Ik reageerde in een reflex: “BIJNA alles dan?” Hij lachte. “Ja, bijna alles! Bijna alles is goed!” Ik vond dat mooi. Beetje vreemd misschien, maar mijn uitspraken zijn meestal even verrassend voor mijzelf als voor mijn gesprekspartners. Ze komen vanuit het niets. Reden waarom ik ook altijd om mijn eigen grappen lach. Ik heb ze immers nog nooit gehoord. Maar goed, al is het niet alleen maar kommer en kwel in een leven, het is ook niet alleen maar zon en fleur. Zolang de balans maar overhelt naar het positieve. Dan zit het wel snor. En bedenk dat wolken een product van de zon zijn, dat schaduwen bestaan omdat er licht is, maar vooral ook dat er zonder winter geen lente is.

Morgen wordt het wederom fietsweer. Dat wordt voorafgaand aan de late dienst dus weer fietsen. Dan is de dag weer goed. BIJNA goed tenminste.

Nota bene

De volgende dag zou ik in de haast / door miscommunicatie een machine aan komen te zetten op het moment dat een collega er mee bezig was. Godzijdank zou ook dit goed aflopen, maar ik schrok me een hoedje. Laten wij even reflecteren. De gebeurtenissen zoals hierboven beschreven vonden allen in een tijdsbestek van slechts 2 weken plaats. Dat betekent dat het in 2 weken tijd dus 3 keer fataal of met ernstig letsel had kunnen aflopen. Best een verontrustende gedachte. Dat geluk dus ook maar heel relatief is had ik overigens al veel eerder geleerd. Zo nam ik mij eens voor dat ik mij altijd moest blijven herinneren dat liefdes niet eeuwigdurend zijn. Uit zelfbescherming. Ik denk ook aan die moeder die afgelopen week met haar 2 dochtertjes van de weg raakte. Ik las in de krant dat alleen zijzelf het zou komen te overleven. Ik herinner mij ook mijn legendarische studentenleven. We waren zielsgelukkig, TOTDAT we dat diploma in de handen gedrukt  kregen. Het zou ons zo zorgvuldig opgebouwde sociale leven in één klap doen verdampen. Ik zou het gros van mijn vrienden uit die tijd daarna nooit meer komen te ontmoeten. Dat blijft me verbazen. Wat is vriendschap eigenlijk?

Storm op komst

Het was vandaag sterk wisselvallig, winderig met veel regen, zodat de fiets er niet aan te pas kwam. Ik had een nachtdienst gedraaid.

Verveeld stapte ik de ’s avonds weer in de auto. Ik moest vannacht ook weer werken, maar ging veel te vroeg van huis. Ik kon mijn ei thuis niet vinden en zo kwam ik over de binnenweggetjes bij Dwingeloo te toeren, alwaar ik een muis dood reed. Het diertje spurtte over de weg en ik zag het nog razendsnel omkeren, maar wij wisten elkaar niet meer te ontwijken. Ik zag geen leven meer in de spiegel en probeerde er niet meer aan te denken.

Later wipte ik even nog aan bij mijn moeder, alwaar ik direct al voelde dat ’t niet goed zat. Dit was geen goed moment. Nee, mijn familie en ik zitten niet op dezelfde golflengte. Men begrijpt mij niet.

Ik knalde door de slagregens over de snelweg en verscheen zwaar gefrustreerd op mijn werk. Nu ben ik professioneel genoeg om constructief te blijven als ik onderhevig ben aan dergelijke gemoedstoestanden, maar mijn collega bleek ook nog eens slechtgehumeurd te zijn. Ik voelde aan heel mijn wezen dat het genoeg was en meldde mij ziek.

Twee uur rijden. Slechts 55 minuten gewerkt.

Maar ik was blij dat ik mijn hart had gevolgd. En ik had geen woord gelogen, want ik was er letterlijk ziek van.

Heel apart dagje

De dag van het sollicitatiegesprek bij Gemeente Emmen, waarbij diepgaande vragen inzake BGT werden gesteld, terwijl de cursus nog moest plaatsvinden en terwijl ik er nog nooit mee had gewerkt. Slechts 1 van de 3 kandidaten – het was een groepsgesprek met 3 kandidaten voor evenzoveel vacatures – kon er iets zinnigs over zeggen, waarop men opperde dat wij direct al volop productie moesten kunnen draaien. Men keek vertwijfeld. Ik vond het fascinerend. Een korte demonstratie wees vervolgens uit dat het om sterk repetitieve werkzaamheden ging. Of we daar wel mee konden leven. Tja, nou…

De volgende dag vernam ik dat men geen brood in mij zag. Een andere kandidaat had de eer al aan zichzelf gehouden. Slimme jongen. Nee, ’t is wel best zo. We bevinden ons in hoogconjunctuur en de uitmuntende referenties stapelen zich op. ’t Zal toch eens weer goed moeten komen.

2016

Het jaar waarin ik weer werk vond. Vooral dat. FrieslandCampina Beilen bood mij de kans en ik greep deze met beide handen aan. Ik had 3 jaar zonder werk gezeten en ik had in die periode zo’n 1200 sollicitaties verstuurd. Waarom ik niks kon vinden? De moeder der recessies en leeftijd, maar ik kom ook niet zo vlot uit de woorden. De tijden zijn veranderd en dit is een tijd waarin een schaapherder zelfs al over educatieve kwaliteiten dient te beschikken. Wat te doen als je bodem- en milieukundige, maar geen type voor relatiebeheer of het binnenhalen van nieuwe projecten bent? Wat als je in hart en nieren echter IT’er bent, maar daartoe de opleiding niet hebt? Er bestond toentertijd nog geen IT-gerelateerde hbo-opleiding.

Wat te doen als je 2 rechterhanden hebt?

Met de baan bloeide mijn hele leven weer op en in de daaropvolgende werkzame periode, nam ik dus ook maar een handjevol aan vrije dagen op. Er was een duidelijke klik, maar ’t was direct ook wel bekend dat men het met minder personeel wilde gaan doen. Mijn contract liep ten einde en per 1 december vertrok ik dan dus maar naar FrieslandCampina Leeuwarden. Maar ook daar zullen mijn verdiensten vermoedelijk wel nooit kunnen worden verzilverd met een vaste aanstelling. Het concern is aan het automatiseren geslagen en daarmee zullen veel van mijn collega’s boventallig worden.

Het gaat goed, materialistisch gezien. Ik denk zelfs al aan het kopen van een huisje. Komend jaar misschien. Lekker vrijstaand, ergens in de rimboe. Een collega van mij wees mij op het concept. Hij is zelf schoonmaker op uitzendbasis en had onlangs ook zijn eigen huisje weten te kopen. Nationale hypotheekgarantie; alleen betalen als je verdient. Toen we het over het salaris kregen, bleek overigens dat schoonmakers – hij tenminste – bijna net zoveel als mij verdienen, terwijl ik best heel erg goed verdien en terwijl ik altijd het idee heb gehad dat schoonmakers het zo slecht hadden. Dat is immers de indruk die bestaat. Wel kan hij altijd fulltime en in 5-ploegensysteem werken, wat ook een flinke slok op een borrel scheelt natuurlijk. Wat minder lullen en wat meer poetsen dus. En ’t liefst op incourante tijden, want die zijn ’t lucratiefst. Ik was blij met de tip, want die was best wel horizonverbredend.

Hjoed

Hjoed wurke ik foar‘t earst by FrieslandCampina Ljouwert. Dat wie apart, fannemoarn betiid, doe‘k er hinneriid. Ferlinewike tongersdei wie’k ommers noch by FrieslandCampina Beilen. Dêr hie ik yn sa’n achteninheale moanne in bysûnder moaie tiid belibbe. Ik bin der al ûnwennich fan. Mar de minsken yn Ljouwert lykje ek goed mei-inoar om te springen. Se prate boppedat better Frysk dan dat, sa leau ik, ea earder yn in bedriuw heard ha. It Hollânsk is de twadde taal. ‘t Moat suver in bytsje wenne.

Ik húzje yn ’t âlde gebou, dat by’t wetter del stiet.

What’s eating Gilbert Grape?

Ken je dat, dat iemand je zo’n steek onder water geeft, waar je dan vervolgens weer dagenlang mee rondloopt? Het gebeurde mij eergisteren weer. Er belde iemand om mij te feliciteren met mijn nieuwe baan. Zij kon het daarbij echter niet laten om even op te merken dat het helemaal niet erg was dat ik nu “wat dommer werk” deed. Daarop begon ze over haar eigen hogergeschoolde carrière en over dat er bijna niemand was die kon wat zij kon, zodat ze op haar 59e nog steeds goed in de markt lag. Ik was aanvankelijk nog van mening dat het een positief telefoongesprek was geweest, maar uiteindelijk kwam die ene, ja die ene opmerking, toch bovendrijven.

Zo vergaat het mij vaak. Mensen vallen mij er ook weleens op aan, dat ik pas dagen achteraf reageer op een sneer of opmerking. “Waarom heb je dat toen direct niet gezegd Bernard? Wij vinden dit erg vervelend!”. Maar ik heb gewoon altijd tijd nodig om dit soort zaken te analyseren en ik kan eerlijk gezegd ook niet zo bijster goed omgaan met negativiteit, vooral niet als iemand je vaker onderuit probeert te halen. Negativiteit veroorzaakt bij mij veelal een schrikmoment. Dat komt ook doordat prikkels versterkt bij mij binnenkomen; ik ben hooggevoelig. Dagen achteraf kan ik dan soms kwaad worden. Meestal als / omdat, ik merk dat het aan mij begint te vreten.