Van de week sprak ik met een collega over het leven. Hij vertelde dat het mijne ongecompliceerd aandeed, omdat ik als vrijgezel immers kon doen wat ik wilde. Maar de beste man is zelf altijd getrouwd geweest en heeft al kleinkinderen. Hij hoeft zijn status quo alleen nog maar te behouden. Als hij die eeuwige vrijgezel was geweest die ik ben, dan zou hij wel hebben geweten van ’t lege huis en de donkere winternachten, ’t sterk moeten zijn voor jezelf alleen. Maar goed, hij is helemaal verweven met dit bestaan, terwijl ik mijn heil juist zie in onthechten. Alzo redenerende scoorde hij toch een onbedoeld punt. Mijn leven ondervindt weinig complicaties. Nee, ’t is een en al stimulans.

Vanmiddag kwam ik met een collega te spreken over crematies en begrafenissen. Wat mij daarbij vooral in het oog sprong is, het idee dat crematies beter zijn voor de eventuele nabestaanden. De rekeningen van een begrafenis blijven immers maar komen en daarmee wordt men opgezadeld met het dilemma, dat men niet voor eeuwig kan blijven betalen en dat er dus ooit zal moeten worden geruimd.

Wanneer?

Er kwamen wat voorbeelden ter tafel, maar ik ken zelf ook best wel gevallen. Waarbij graven van toch best wel vermogende mensen, oneerbiedig snel zijn geruimd.

Wist je dat je ook helemaal niet 60 jaar van tevoren kunt betalen, zoals ik dat in gedachten had? Jazeker, de man had een punt. Zo had ik er nog nooit over nagedacht. Voordeel van een crematie is ook dat je je as over een jouw dierbaar gebied kunt laten uitstrooien en dat het daar dan voor eeuwig blijft en in kan doordringen.

Mijn testament hierop aangepast.

Ik wil worden begraven, zolang men mij niet al na 20 jaar wil laten ruimen. Dat dwingt tot discussie vooraf. Ik vond dat wel slim.

Vanmiddag gewandeld met mijn hoogbejaarde vriendin, die woonachtig is in Lindestede, Wolvega. Het was een zeldzaam mooie nazomerdag.
Maar, ze bleek opgewekt, al voordat ik binnenkwam. Zodat ik niet de indruk kreeg, dat ik op dat moment iets toevoegde aan haar bestaan.

Wel vielen mij een paar, erg persoonlijke persoonsbeschrijvingen van ons beider voorouders ten deel. Tante Aaf, het haar achterover, stokdoof, lange rokken en de kachel veel te heet. Tante Gel, veel te warm gekleed, omdat de mooiste kleding toentertijd veel te warm was. Dan haar schoonmoeder Trijntje, Gels zuster, waar wijlen haar man, die ik nog goed heb gekend, dat wat kritische karakter van had gekregen. Tan Gel was wat makkelijker. Er verscheen een glimlach op het gezicht.

Zoals je wellicht al hebt opgemerkt, kom ik graag op begraafplaatsen. Ik ben namelijk geïnteresseerd in familie- en streekgeschiedenis, maar ik kom er ook om sfeer te snuiven. De stilte en het idee dat de begravenen nu allemaal van de aardbol verdwenen zijn. Wie weet waart er nog wat rond en kan ik nog wat ontwaren. Interessant, als je er van houdt.

De afgelopen weken – na de verhuizing – ben ik veel te vinden geweest op de begraafplaatsen van Weststellingwerf. Daar is nog veel geschiedenis te vinden. Op het met liefde onderhouden hofje van Oldeholtwolde is zelfs nog een graf uit de 18e eeuw te bewonderen, met schitterend gerestaureerde steen.

Wobbigje 1794 overleden - begraafplaats Oldeholtwolde

Ik vind dat dit veel toevoegt aan een begraafplaats.

Op de meeste begraafplaatsen worden graven geruimd, zodra er niet meer wordt betaald. Er ontstaan dan veel lege plekken. Waarom zou je dat willen als beheerder, zolang je de ruimte nog helemaal niet nodig bent? Waarom moet alles om geld draaien, ja zelfs na de dood nog? Wat is nou mooier, belangrijker en sfeervoller op een begraafplaats dan oeroude grafstenen, een verleden?

Mijn idee is dus om graven niet te ruimen, zolang er ruimte voor is.

verkeerde aardstralen
gemiste afmeerpalen
genegeerde signalen
borrelende spijsverteringskanalen

ontluisterende schandalen
van winderige admiralen
en beschonken gemalen
eksters zonder idealen

niks afpalen
want we kunnen oeverloos afdwalen
en we leven ons uit als schrijvers van verhalen
over stoere mannen met gênante kwalen

maar ’t leed stapelt zich op in de annalen
en de prijs is ziekenzalen
met spiegeltjes en kralen
zonder decimalen

ja ’t is tijd om af te betalen
galgenmalen
doorspekt met röntgenstralen
overgeleverd aan hospitalen

de prijs is
voor eeuwig ronddwalen
en slapen
in de wereld zonder nachtegalen

stoppen met ademhalen

Er gaat bijna geen dag voorbij zonder dat ik fiets of wandel. Vandaag viel die traditie echter in ’t water. Het was zo donkergrijs en miezerig, dat ik zelfs niet tot een wandeling met paraplu kon komen. Ik stapte in de auto voor een ritje.

Zo toerde ik over verlaten binnenweggetjes door De blesse, Noordwolde en Elsloo naar een eveneens druilerig Oosterwolde, waar ik vanzelfsprekend ook even langs mijn voormalige woning reed. Deze stond nog leeg. In gedachten evalueerde ik mijn leven.

De stap naar Heerenveen (2 november 2015) bleek al snel een miskleun. Het grote probleem bij verhuizingen is altijd dat je de nieuwe buren pas leert kennen nadat je bent verhuisd. Ik ben alweer druk op zoek naar wat beters. Verhuizen is voor mij geen straf.

Ook de werkloosheid speelt mij parten. Ik zit al meer dan 3 jaar thuis en solliciteerde mij het apezuur. Dat bleek een zinloze exercitie. Sociale zaken adviseerde mij zelfs al om het rustiger aan te doen. Men had nog nooit eerder meegemaakt dat iemand zoveel solliciteerde als ik.

Wat dan steekt is dat omstanders suggereren dat er wel werk is en dat ik te beroerd ben om beneden mijn niveau te werken. Niets is immers minder waar? De hedendaagse situatie is immers zo dat men jongelui wil voor laaggeschoold werk en schapen met 1001 poten, voor de banen op niveau? Ik val tussen wal en schip.

Experts zeggen bovendien dat de economie het komende jaar slechts minimaal zal groeien en dat 45-plussers daar niet van zullen profiteren. Om toch wat om handen te hebben, heb ik mij afgelopen week aangemeld voor vrijwilligerswerk. Ik ga bejaarden aan gezelligheid helpen.

Enthousiast!